(050) 700 1950
Stuur een bericht

Kleine zzp’ers werken steeds meer uren

zelfstandigen
CBS

Uit een onderzoek van het CBS is naar voren gekomen dat meer dan 30 procent van de zzp’ers die minder dan 12 uur per week werken wel meer uren zou willen maken. Het aantal zzp’ers met een werkweek van minder dan 12 uur is tussen 2004 en 2015 gegroeid van 76 duizend naar 112 duizend.

Gemiddeld oudere zzp’er

Uit het onderzoek, waar alleen is gekeken naar de zzp’ers van 15 tot 75 jaar die geen onderwijs volgen en die er geen baan als werknemer bij hebben, blijkt dat zzp’ers die minder dan 12 uurwerken gemiddeld ouder zijn dan hun tegenhangers die wekelijks meer uren werken. Zo is 60 procent tussen de 55 en 75 jaar, tegen 34 procent van de deeltijd-zzp’ers die meer uren werken en 24 procent van de voltijd-zzp’ers.

Meer uren

Als gekeken wordt naar veranderingen in arbeidssituatie in een jaar tijd, blijkt dat20 procent van de kleine zzp’ers van 2014 op 2015 meer uren is gaan werken. Van 2003 op 2004 was dat nog maar 10 procent. Ruim de helft van de kleine zzp’ers bleef ook in 2015 minder dan twaalf uur per week werken. Een kwart stopte als zzp’er, de helft van hen was daarna niet meer actief op de arbeidsmarkt.

Neveninkomst

In 2014 bedroeg het gemiddelde bruto inkomen uit de eigen onderneming van een kleine zzp’er 8,9 duizend euro. De helft verdiende 2,8 duizend euro of minder. Deeltijd-zzp’ers verdienden gemiddeld 21,4 duizend euro, bij voltijders lag dat op gemiddeld 38,3 duizend euro.

Worden andere inkomstenbronnen daarbij opgeteld, dan komt het totale persoonlijke bruto inkomen van een kleine zzp’er met gemiddeld 31,1 duizend euro net iets hoger uit dan dat van een zzp’er die tussen de 12 en 35 uur per week werkte (gemiddeld 29,6 duizend euro). Dit komt doordat kleine zzp’ers naar verhouding veel meer aanvullende inkomsten hebben dan andere zzp’ers, meestal uit een (vervroegd) pensioen. Voor 42 procent van de kleine zzp’ers is hun werk als zelfstandige de voornaamste inkomensbron, voor 39 procent is dat een pensioen.

Naar het onderzoek

Deel deze pagina: