(050) 700 1950
Stuur een bericht

Winst arbeidsdeelname vooral bij deeltijders

Ministerie szw

De grootste winst om mensen meer en langer aan het werk te krijgen, valt te behalen bij werknemers met een deeltijdbaan. Ook herintreders vormen een grote groep. Voor werklozen op het sociaal minimum zijn er de minste financiële prikkels om weer aan de slag te gaan. Het kabinet heeft de afgelopen jaren wel maatregelen genomen waardoor het voor werklozen financieel aantrekkelijker is geworden om te werken. Dit blijkt uit een rapport over de armoedeval dat demissionair minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

In het rapport is gekeken hoe de armoedeval zich in de periode 2002 - 2006 heeft ontwikkeld. De armoedeval is het gebrek aan financiële prikkels om (meer) te gaan werken. Dit komt omdat iemand met een (hoger) inkomen meer belasting en premies moet betalen en zijn recht op inkomensafhankelijke regelingen (onder andere huur- of zorgtoeslag) geheel of gedeeltelijk verliest. Er is gebruik gemaakt van een representatieve steekproef van de bevolking (60.000 huishoudens), waarbij onder andere is gekeken naar het feitelijke gebruik van inkomensafhankelijke regelingen en naar de  inkomensstijgingen.

In het rapport is de armoedeval bekeken onder werkloze uitkeringsgerechtigden met een inkomen op minimumniveau (ongeveer 390.000 mensen), herintreders (ongeveer 780.000  partners zonder eigen inkomsten), deeltijders (ruim 2 miljoen mensen die minder dan 32  uur werken) en voltijders (4 miljoen mensen).

De armoedeval is onder deeltijders in de periode 2002-2006 groter geworden. Dit komt door de stijging van het belastingtarief in de tweede schijf, een hogere AWBZ-premie en een  stijging van de pensioenpremies. Ook voltijders die meer verdienen, hebben met deze  hogere lasten rekening moeten houden.

De armoedeval onder werklozen op het sociaal minimum is de afgelopen vier jaar verbeterd  door onder andere de verhoging van de arbeidskorting. Voor mensen die vanuit een  uitkering doorstromen naar een baan boven het wettelijk minimumloon, hebben ook de  afschaffing van het schoolgeld en de wijzigingen in de kinderkorting de armoedeval minder  groot gemaakt.

Voor herintreders is het financieel het meest gunstig om weer aan de slag te gaan. Zestig procent hield in 2006 van het extra brutoloon meer dan 60 procent over. Voor herintreders  met kleine kinderen is werken aantrekkelijker geworden door een hogere tegemoetkoming in  de kosten voor kinderopvang en verhoging van de combinatiekorting. Hogere  pensioenpremies, een hogere AWBZ-premie en het vervallen van het voordeel van de  Ziekenfondsverzekering hebben bijgedragen aan vergroting van de armoedeval voor  particulier verzekerde partners.



Deel deze pagina: