Winst arbeidsdeelname vooral bij deeltijders
De grootste winst om mensen meer en langer aan het werk te krijgen, valt te behalen bij werknemers met een deeltijdbaan. Ook herintreders vormen een grote groep. Voor werklozen op het sociaal minimum zijn er de minste financiële prikkels om weer aan de slag te gaan. Het kabinet heeft de afgelopen jaren wel maatregelen genomen waardoor het voor werklozen financieel aantrekkelijker is geworden om te werken. Dit blijkt uit een rapport over de armoedeval dat demissionair minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.
In het rapport is gekeken hoe de armoedeval zich in de periode 2002 - 2006 heeft ontwikkeld. De armoedeval is het gebrek aan financiële prikkels om (meer) te gaan werken. Dit komt omdat iemand met een (hoger) inkomen meer belasting en premies moet betalen en zijn recht op inkomensafhankelijke regelingen (onder andere huur- of zorgtoeslag) geheel of gedeeltelijk verliest. Er is gebruik gemaakt van een representatieve steekproef van de bevolking (60.000 huishoudens), waarbij onder andere is gekeken naar het feitelijke gebruik van inkomensafhankelijke regelingen en naar de inkomensstijgingen.
In het rapport is de armoedeval bekeken onder werkloze uitkeringsgerechtigden met een inkomen op minimumniveau (ongeveer 390.000 mensen), herintreders (ongeveer 780.000 partners zonder eigen inkomsten), deeltijders (ruim 2 miljoen mensen die minder dan 32 uur werken) en voltijders (4 miljoen mensen).
De armoedeval is onder deeltijders in de periode 2002-2006 groter geworden. Dit komt door de stijging van het belastingtarief in de tweede schijf, een hogere AWBZ-premie en een stijging van de pensioenpremies. Ook voltijders die meer verdienen, hebben met deze hogere lasten rekening moeten houden.
De armoedeval onder werklozen op het sociaal minimum is de afgelopen vier jaar verbeterd door onder andere de verhoging van de arbeidskorting. Voor mensen die vanuit een uitkering doorstromen naar een baan boven het wettelijk minimumloon, hebben ook de afschaffing van het schoolgeld en de wijzigingen in de kinderkorting de armoedeval minder groot gemaakt.
Voor herintreders is het financieel het meest gunstig om weer aan de slag te gaan. Zestig procent hield in 2006 van het extra brutoloon meer dan 60 procent over. Voor herintreders met kleine kinderen is werken aantrekkelijker geworden door een hogere tegemoetkoming in de kosten voor kinderopvang en verhoging van de combinatiekorting. Hogere pensioenpremies, een hogere AWBZ-premie en het vervallen van het voordeel van de Ziekenfondsverzekering hebben bijgedragen aan vergroting van de armoedeval voor particulier verzekerde partners.